Europees superinternet gaat op wereldtournee
Europese wetenchappers kunnen al sinds 2000 data uitwisselen over het supersnelle Géant2-netwerk. Met groot succes - en dus is het tijd om bruggen te slaan naar gelijkaardige superbreedbandnetwerken op andere continenten. Zo kunnen Europese universiteiten data-intensieve onderzoeken opzetten in samenwerking met instellingen van de Balkan tot het verre Azië.
De Europese Commissie trekt negentig miljoen euro uit om Géant met andere supersnelle netwerken te verbinden. De EU denkt daarbij aan ontluikende onderzoeksnetwerken in de Balkan, rond de Zwarte Zee, het gebied rond de Middellandse zee, Latijns-Amerika, Azië en het UbuntuNet in het zuidelijk deel van Afrika.
Het is niet de eerste keer dat dit gebeurt. Er zijn al wat intercontinentale links, onder meer met China. Er is bijvoorbeeld het Expres-project, dat gegevens van Europese radiotelescopen combineert met data van interstellaire luisterposten in China, Chili en Zuid-Afrika. Het gaat om grote hoeveelheden informatie die naar Nederland worden gepompt en daar verwerkt worden door een supercomputer.
Die grote hoeveelheid gegevens kan onmogelijk over het reguliere internet, waarop u deze site leest. Om u maar een idee te geven: de data afkomstig van de Large Hadron Collider (LHC)-deeltjesversneller van het Zwitserse CERN bedragen op jaarbasis vijftien miljoen gigabytes. Dat moet dan allemaal verdeeld worden naar een vijfduizendtal wetenschappers verspreid over de hele wereld.